Posts tonen met het label ruimte. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ruimte. Alle posts tonen

donderdag 17 maart 2016

Ruimtereis

Afbeelding: www.scientias.nl
Domein
Bewegingsexpressie

Onderwerp:
Werken rond 'ruimtereizen'

Techniek:
Dansexpressie / dansimprovisatie

Bouwste(e)n(en)

  • ruimte: ruimtelagen; grootte/vorm; plaats 
  • kracht: gewicht

Algemeen doel:
leerlingen laten zich leiden door de muziek om tot beweging te komen

Lesverloop:
Sfeerschepping:
Verhaal van de kleine prins in verkorte versie via YouTube-filmpje. 
-> Nu beginnen we aan onze eigen ruimtereis, net zoals de kleine prins.

Beschouwen:
Samen met de leerlingen wordt een filmpje bekeken van de eerste maanlanding. 
De leerkracht vraagt wat er opvalt aan dit filmpje: manier van bewegen, tempo, zwaartekracht, ...

Aanzetten tot creëren / Exploreren & experimenteren:
Leerkracht laat een muziekcollage horen met fragmenten uit:

  • Space Oddity - David Bowie
  • Walking on the moon - The Police
  • Intergallactic - The Beastie Boys
  • Stardust - Jean-Michel Jarre & Armin van Buren

Leerkracht begeleidt de bewegingsimprovisatie met een verhaal volgens de muziek: klaarmaken voor lancering - lancering - onderweg naar de maan - maanlanding en rondlopen op de maan - aanval buitenaardse wezens/robot - terug naar de aarde vliegen - planeten en asteroïden ontwijken.

Creëren:
Leerlingen krijgen drie verschillende liedjes/fragmenten te horen:

  • Dark side of the moon - Pink Floyd 
  • Spaceman - Babylon Zoo
  • Star Trek Theme


Hierop bewegen ze -zonder elkaar aan te raken- met de ogen dicht (gevoel van veiligheid, ook verlegen kinderen kunnen meedoen zonder zich bekeken te voelen). Daarna kiezen ze het liedje waar ze zich het best bij voelen om hun dans te tonen aan de anderen.

Toonmoment & evaluatie:
De leerlingen kiezen zelf op welk liedje ze hun bewegingen tonen aan het publiek. Iedere groep krijgt een applaus op het einde van het lied/fragment.
Daarna wordt kort besproken wat er opviel, wat er werd uitgebeeld, welk gevoel ze kregen.


Mijn eigen planeet

Domein: 
Beeld
 

Onderwerp:
Verhaal van de kleine prins - planeten

Techniek:
Ruimtelijk werken: boetseren
 

Bouwste(e)n(en): 
  • Vorm
  • Textuur


Algemeen doel:
De leerlingen vormen zich een beeld van hun eigen planeet: hoe ziet die er uit, wie woont er allemaal, hoe heet de planeet …
Vervolgens boetseren ze met klei hun planeet!


Sfeerschepping:
De leerkracht brengt het verhaal van de kleine prins ter sprake: Wie kwam de prins allemaal tegen op zijn reizen? Waar woonden die mensen? --> Planeten
 

Beschouwen:
De leerkracht toont een PowerPoint met foto’s van verschillende planeten.  Al die planeten zien er anders uit: sommigen hebben manen en/of ringen, andere niet, … sommigen zijn ‘vrij’ glad terwijl anderen bezaaid zijn met kraters/putten.
 

Aanzetten tot creëren / Exploreren & experimenteren:
De LLN krijgen de opdracht om hun eigen planeet te boetseren met klei. Ze moeten wel eerst bedenken hoe die er uit gaat zien. 

Tijdens het boetseren met klei hebben ze allerlei textuurmateriaal voorhanden dat ze kunnen gebruiken om hun planeet het gewenste uitzicht te geven. Dit materiaal wordt klassikaal overlopen.

Omdat er nog niet vaak met klei werd gewerkt, worden ook enkele tips meegegeven rond werken met klei:
  • werk uit één stuk
  • manier van aanhechten
  • tonen hoe je een krater maakt


De planeet moet ook bewoners  krijgen: wie zou erop wonen, zorg ervoor dat ze op de planeet passen!

Creëren:
De LLN krijgen elk een stuk klei en gaan ermee aan de slag. Ze zorgen dat de planeet de gewenste vorm en textuur krijgt.

Als hun planeet ligt te drogen, kunnen ze beginnen aan het vormgeven van de personen/dieren/dingen (met papier, tandenstokers, …) die op de planeet leven/voorkomen. Hierbij moeten ze er stil bij staan dat die dingen ook op de planeet moeten passen. 
 

Toonmoment & evaluatie:
De leerlingen krijgen de mogelijkheid om hun planeet te tonen er iets over te vertellen. Mogelijke vragen zijn: 
  
  • Hoe ben je op dit idee gekomen?
  • Hoe heb je textuur aangebracht?
  • Wat is de naam van je planeet?
  • Waarom heeft je planeet deze vorm?
  • Wie of wat leeft er op je planeet?
  • Hoe heb je je idee vormgegeven en waarom?
  • Wat vond je moeilijk?
  • Wat zou je anders doen?